Rachel Wardenaar en Anton Baaijens skiën (15 oktober 2009)

In het KRO-programma De Reünie van 15 oktober wordt de klas 6VWO van het Ubbo Emmius Lyceum in Stadskanaal gevolgd. In deze uitzending is te zien hoe Rachel Wardenaar (11, jeugdlid van de vereniging) skiet samen met Anton Baaijens (begeleider van de vereniging). Bekijk het filmpje.

Je praat de blinde skiër omlaag - Uithoorn Witte Weekblad (28 januari 2009)

Klaas Wijbrandi, begeleider en penningmeester van de vereniging, wordt geïnterviewd over zijn vrijwilligerswerk, waaronder ondermeer het begeleiden van visueel gehandicapten tijdens het skiën (lees het artikel).

Skiles voor visueel gehandicapte kinderen - Diverse media

Publicatie: Postiljon online, RTV West, Hart van Nederland (SBS6) (25-11-2008)

Op 25 november 2008 organiseerde de NVSV in samenwerking met Visio en Snowworld Zoetermeer een skiles voor visueel gehandicapte kinderen, gefinancierd door de Johan Cruyff Foundation. Diverse media hebben hierover bericht: RTV West, Hart van Nederland. Hieronder volgend de links naar deze media.

Ook visueel gehandicapten bereiden zich voor op de wintersport

Publicatie: RTV Oost (29-12-2006)

In deze nieuwsuitzending van RTV Oost wordt een reportage getoond waarin wordt laten zien dat ook visueel gehandicapten zich goed kunnen voorbereiden op de wintersport. Tevens komen twee leden van de NVSV aan het woord. Om de betreffende reportage te bekijken, volg onderstaande link. Hierna wordt een nieuw venster geopend waarin de mediaspeler zal worden geactiveerd als plug-in voor de browser. Als het goed is wordt dan de nieuwsuitzending automatisch gestart. Om naar de reportage te gaan dient u door te spoelen naar ongeveer 6:30 minuten. RTV Oost reportage.

Blind vertrouwen op de piste

Publicatie: Dagblad de Limburger (07-02-2004), auteur: Ron Buitenhuis

Blinden die skiën? Kom nou! Ja hoor, het kan. Gewoon een kwestie van lef, doorzettingsvermogen en grenzeloos vertrouwen. Vijf jonge Nederlanders, onder wie de 27-jarige Stephan Nijs uit Weert, bewezen onlangs in het Franse Valmorel dat de witte wondere wereld ook voor blinden openligt.

'Hé Bas, je bent je skibril vergeten.' 'Ach wat, sneeuwblind kan ik toch niet meer worden.'

Op de eerste morgen in het Franse skioord Valmorel wordt meteen de toon voor de rest van de week gezet. Geen gezeur, geen medelijden en vooral veel studentikoze (zelf)spot. 'Hé Stephan, zie je die meid achter je? Ben maar blij dat je blind bent.'

Als het begeleider Albert lukt om voor de vijf blinden vijftig procent korting op de skipassen te bedingen - je bent tenslotte Hollander - klinkt er een triomfantelijk gejuich en sneert de blinde Sebas: "Logisch toch, wij kunnen namelijk niet van het uitzicht genieten."

Eenmaal op de piste, maakt de luidruchtige bravoure van de eerste minuten snel plaats voor het echte werk: klunen en ploeteren op de Idiotenhügel, de licht glooiende oefenweide aan de voet van de berg. Meer zit er vooralsnog niet in, want Bas (26) en Christa (26) hebben nooit eerder geskied en Stephan (27) en Sebas (25) beginnen pas aan hun tweede jaar. Alleen de oorspronkelijk uit Zuid-Afrika afkomstige Letti (25) heeft al vijf skiweken op haar naam staan.

De vijf jongeren zijn allemaal lid van de Nederlandse Visueel-gehandicapten Ski Vereniging (NVSV), die 80 blinden en 69 begeleiders telt. De club organiseert jaarlijks meerdere ski- en langlaufweken in de Alpen. Per blinde gaat één begeleider mee. Die laatste moet goed kunnen skiën en vooral emotioneel stabiel zijn. Want het succes van de skiweek valt of staat met - hoe toepasselijk - blind vertrouwen. De blinde en zijn begeleider zijn namelijk niet met stokken, als een soort tandem, aan elkaar verbonden. De begeleider skiet twee meter achter de blinde en loodst hem met woorden over de piste: ... Bocht naar links, bocht naar rechts, scherpe bocht naar links, laat maar glijden, bocht naar rechts... en dat honderdduizend keer per dag.

"Dit skiën vergt enorme concentratie, vanaf het moment dat je de skilift ingaat tot dat je weer aan de voet van de piste staat", zegt Albert (48). "Daarnaast moet je als blinde een flinke portie lef en doorzettingsvermogen hebben en als begeleider vooral veel verantwoordelijkheidsgevoel. Dat laatste weegt zwaar. Iedereen die ooit geskied heeft, weet welke gevaren en risico's er loeren. Twee meter te ver doorglijden en je hangt in de bomen of je dondert in een afgrond. Er zijn in al die jaren dat we deze trips organiseren nooit ernstige ongelukken gebeurd, maar we hebben al eens een blinde deelnemer uit een sneeuwkanon moeten plukken. Zoals we ook al eens halverwege een skiweek afscheid hebben moeten nemen van een begeleidster. De verantwoordelijkheid woog zo zwaar dat ze er 's nachts gewoon niet meer van kon slapen." Een skiles voor blinden begint net als bij iedereen met de Flug (remmen door de ski's in een V-vorm te houden). Dat is in wezen een eitje, maar iedere skiër herinnert zich tot op de dag van vandaag zíjn eigen eerste afdalingen. Bloed, zweet en tranen kost het om die ellendige lange latten in bedwang te houden. En dan te bedenken dat je als blinde ook nog eens geen flauw benul hebt van de ruimte en de helling waarop je staat. Wat ook weer een voordeel kan zijn, omdat je niet ziet welke gevaren er loeren.

Hoe dan ook, de eerste Flug-lessen van de groep Hollanders met hun felgele hesjes trekt de nodige aandacht van andere skiërs. Hun blikken verraden dat de meesten het een verbazingwekkende combinatie vinden: blind en skiën. Maar Bas en Christa zien problemen noch gevaren. Zoals ze ook geen last hebben van de sneeuwbuien en het mistige weer dat het skiplezier meerdere dagen achtereen tempert. Volledig geconcentreerd in hun eigen wereld glijden ze voetje voor voetje omlaag. In slakkentempo, maar de meeste tijd blijven ze rechtop staan. Een opmerkelijke prestatie als je bedenkt dat ze voor hun evenwichtsgevoel niet hun ogen kunnen gebruiken. Stephan oogt daarentegen nog erg verkrampt, terwijl de ervaren Letti en de wat meer roekeloze Sebas al snelheden halen waar menige beginneling jaloers op is.

Een paar uur en tig valpartijen later is de groep in staat om het skigebied van Valmorel - veel makkelijke blauwe en groene pistes - in te trekken. Maar het blijkt nog een hele heisa om een blinde met ondergebonden ski's door de smalle poortjes bij de stoeltjeslift te loodsen, de gleuf te wijzen waar de skipas in moet, vervolgens op een rolband te zetten en op het juiste moment neer te laten ploffen in een vierzitslift die tegen je kuiten beukt. "Maar dan gaat er ook wel een wereld voor je open", getuigt Letti uit ervaring. "Hoe hoger je komt, hoe mooier. In de verte hoor je vaak een beekje kabbelen en onder je hoor je het zoevende geluid van andere skiërs. Mensen proberen ons soms te vertellen hoe mooi en wit het in de bergen is. Daar kan ik me niet echt iets bij voorstellen. Maar wij blinden 'kijken' met onze oren en de stilte die je op een gegeven moment in zo'n skilift ervaart, vertelt ons hoe weids het landschap moet zijn." Dan zegt de 25-jarige iets dat we de rest van de tijd niet meer zullen horen: "Wat benijd ik soms mensen die kunnen zien."

Aan het eind van de eerste skidag blijkt dat in het land der blinden eenoog inderdaad koning is. De uit Geldrop afkomstige Sebas is aan één oog blind en ziet met zijn andere oog maar zes procent. Maar met die luttele zes procent leidt hij zijn blinde vrienden als een zelfverzekerde gids door het pittoreske winkelstraatje van Valmorel, op zoek naar een après-ski-bar voor een (nou ja één?) welverdiende pot bier. Uit de persoonlijke verhalen die even later over tafel gaan, blijkt dat de vijf blinde Nederlanders stuk voor stuk diehards zijn, die ondanks hun handicap al menige mijlpaal hebben bereikt.

Stephan en Sebas zijn na hun rechtenstudie in Nijmegen aan de raio-opleiding van het ministerie van Justitie begonnen. De eerste wil rechter worden in Leeuwarden, de tweede officier van justitie in Almelo.

Bas - de verbale clown van de groep - studeert nog Amerikanistiek in Nijmegen en verkoopt zichzelf alvast als de opvolger van Maarten van Rossem, de bekende Amerika-kenner van tv.

Christa, vriendin van Sebas, heeft maatschappelijk werk en dienstverlening gestudeerd en maakt deel uit van het Nederlandse goalbalteam - een soort zitvoetbal met een bal met een belletje erin - dat in september naar de paralympics in Athene afreist.

En Letti is vijf jaar geleden in haar eentje vanuit Zuid-Afrika naar Nederland gekomen en werkt nu als ict-deskundige bij de belastingdienst in Amersfoort.

Als de biertjes en de glühwein de tongen losser en de verhalen sterker maken, belooft begeleider Goof (38) dat hij op zoek zal gaan naar een fles eau-de-vie. Onder fanatieke snowboarders beter bekend als 'De Doodskus'. Het is een fles met génépi, een lokaal alcoholdrankje, waarin de bergbewoners een bergadder laten verdrinken. Net voor het dier sterft, laat het van de stress zijn urine en gif lopen, dat zich mengt met de alcohol. Wie vervolgens aan de smalle opening drinkt, wordt door de dode adder die in de fles zweeft 'gekust'. Een even lugubere als fascinerende ervaring, naar het schijnt.

De volgende dag worden vijf nieuwe koppels gevormd. Dat zorgt voor de nodige afwisseling, zowel voor de blinden als voor de begeleiders. "Ofschoon alle begeleiders vooraf in Nederland hebben aangetoond dat ze geschikt zijn voor dit soort trips, klikt het met de een beter dan met de ander", zegt de blinde Sebas. "Wij zijn daar zo nu en dan best kritisch over. Dat mag ook wel, want je geeft je als blinde toch helemaal over aan zo iemand. Vorig jaar had ik bijvoorbeeld twee dagen een soort paardenfluisteraar als begeleider. Die gaf op de piste veel te zachte commando's. Daar word je onzeker van. Nou, dat zeggen we dan wel rechtuit."

"Je moet dit werk niet doen om dankbaarheid terug te krijgen", getuigt begeleidster en NVSV-bestuurslid Odilia (51). "De meeste blinden zijn zeer kritische en assertieve mensen. Ze kunnen soms erg eigenwijs zijn en ongezouten kritiek leveren." Waarom wordt iemand dan begeleider? Hij/zij draagt een enorme verantwoording, moet minimaal vijf verlofdagen investeren, over engelengeduld beschikken (in het begin duurt één afdaling vaak twee uur), komt zelf nauwelijks aan skiën toe, en moet ook nog eens zijn eigen reis- en verblijfskosten betalen. Bij een tiendaagse trip toch al gauw zeven- tot negenhonderd euro per persoon. Odilia: "De meeste van ons zijn skifanaten, die zeker twee of drie keer per jaar gaan skiën. Dan is het geen probleem om een weekje 'op te offeren'. Verder is het een enorme uitdaging om zo'n groep op een niveau te brengen dat ze uiteindelijk met enige snelheid en souplesse rode en blauwe pistes kunnen afdalen. Natuurlijk geeft het je ook een goed gevoel iets voor anderen te doen. Maar wat voor mij uiteindelijk de doorslag geeft, is het plezier en de gezelligheid met de groep. Op de piste, maar zeker ook 's avonds na het skiën."

Dat hebben we gemerkt. Ga maar eens met vijf blinden, die allemaal hun begeleider bij de schouder vasthouden, een piepklein Frans restaurantje binnen. Dat geeft meteen een polonaise-achtige rij, en ook een dito sfeertje. Zeker als twee van de vijf blinden vervolgens ook nog eens perfecte imitaties weggeven van Jiskefet, Theo Maassen en Hans Teeuwen. Dan wil, aangemoedigd door Koning Alcohol, de gezelligheid wel toeslaan. Dan worden op een gegeven moment zelfs de hits van Frans Bauer (Heb je even voor mij...) en Freddy Quinn (Junge, komm balt wieder...) uit de kast gehaald. En dan belanden de pizza's die het meest zijn aangebrand op de borden van...? Inderdaad, de blinden, 'want die zien dat toch niet'. 'Ober, doe hier nog maar een litertje wijn...'

De volgende morgen openbaart zich op de hellingen van de witte wondere wereld weer de harde realiteit. ...En een bocht naar links, en een bocht naar rechts, scherpe bocht naar links, NAAR LINKS!!! zeg ik. Oké, laat maar glijden, en een bocht naar rechts...

Resultaat van alle engelengeduld is wel dat na een dag of drie, vier de beginnelingen Bas en Christa al rode pistes afdalen, Stephan wat meer ontspannen naar beneden draait en Sebas en Letti het hele skigebied van Valmoral (meer dan honderd vierkante kilometer) doorkruisen. Een prestatie die menig skiër die wel kan zien niet in zo'n korte tijd evenaart. "Ach", relativeert de blinde Bas, "dat komt ook omdat wij niet in een klasje zitten, maar elke dag vijf, zes uur privé-les hebben."

Maar wat is nu eigenlijk de kick van skiën, als je niet kunt genieten van het adembenemende berglandschap? Letti: "Het is enerzijds de overwinning op je eigen angsten, maar bovenal het glijden, de snelheid, de wind in je haren, het gevoel van vrijheid. Dat heb je ook wel als je bij iemand achter op de motor zit. Maar bij skiën heb je als het ware zelf het stuur in handen. Dat geeft een enorme voldoening."

terug naar inhoudsopgave

NVSV wintersportreis Nauders 2004

Publicatie: Ski Magazine (januari 2005)

De geluiden op de piste zijn intens. Het gelach van mensen in de verte, het geluid van een skiër die vlakbij remt, het gerammel van de lift. Het is stikdonker, dankzij de zwarte doek in mijn skibril. Ik hang onwennig in een ankerliftje, met naast me Peter, een begeleider van blinde en slechtziende skiërs. Boven eindigt de lift in een steile heuvel, waarna direct een bocht naar rechts volgt. Te vroeg en je hangt in een vangnet, te laat en je botst tegen een houten hek aan. Als het zover is, luister ik geconcentreerd naar Peters aanwijzingen. Dan hoor ik een schreeuw van Peter én andere mensen roepen iets. Ik rem en tast letterlijk in het duister: waar bevind ik me? In de weg van andere skiërs die uit de lift komen? Of ben ik net op tijd geremd voor iemand die gevallen is?

Tussen bomen door

Dan hoor ik Peters stem weer. Iemand voor (of achter?) ons, bleef met zijn jas aan het anker hangen en werd even meters boven de grond meegesleept. Met de neus op het feit gedrukt dat ik helemaal moet vertrouwen op iemand die ik pas een paar dagen ken, beginnen we echt aan de afdaling. Een relatief korte rode piste, waar we uiteindelijk lang over doen. Ik luister naar de aanwijzingen van Peter, die vlak achter me skiet: “Maak een bocht naar rechts… en nu naar links. Het wordt hier steiler, goed hangen op je dalski.” Af en toe pauzeren we even. In gedachten maak ik me een voorstelling van de piste. Ik ben ervan overtuigd dat op dit moment overal om ons heen bomen zijn en vraag aan Peter hoe hij me daar tussendoor denkt te krijgen. Peter lacht: “Meid, er is hier geen boom te bekennen.” Even later skiën we voor mijn gevoel helemaal links aan de rand van de piste, waarna Peter zeg: “En nu een bocht naar links”. Ik twijfel, hij herhaalt het en ik doe het. Ik zal toch op hem moeten vertrouwen, hij is nu mijn ogen. Zonder kleerscheuren komen we uiteindelijk beneden, waar ik mijn skibril afdoe en mijn ogen dichtknijp tegen het felle zonlicht. Onder aan de piste staan Simone en Marijke, met begeleidster Esseline, die life verslag deed van de afdaling. Ik ben nog nooit zó toe geweest aan een stoel op een terrasje, met een kop warme chocolademelk en véél slagroom. En dat na pas één afdaling.

Noodstop

Een paar dagen eerder. Ik ski achter Egid en begeleider Jac aan. Ze gaan een zwarte piste op en hebben de grootste lol als ik moeite moet doen om ze bij te houden. Via een zendertje en een oortje geeft Jac aan Egid door hoe de piste eruit ziet en welke bochten hij moet maken. Het is heerlijk rustig en ze genieten volop. Dan wordt Egid verrast door wat losse sneeuw onder zijn ski’s. Het lukt niet meer om op tijd een bocht te maken en hij belandt in de tiefschnee, net buiten de piste. Onder de sneeuw, maar met een brede grijns staat hij weer op. Jac en Egid liggen allebei helemaal dubbel van het lachen. Zowel skiërs als begeleiders moeten voor deze skivakantie stalen zenuwen hebben. Bovendien moeten de visueel gehandicapten letterlijk een blind vertrouwen hebben in degene die hen de aanwijzingen geeft. Dat blijkt ook als ik even later Lettie volg, met begeleider Peter. Ook zij nemen rode afdalingen en zelfs een zwarte piste. Lettie roept: “Geweldig, wat is dit een cadeautje!” Maar als ze even later in een rustig tempo ruime bochten nemen op een verder lege, rode piste, komt er een skiër in hoog tempo de berg af en die skiet precies tussen Peter en Lettie door. Peter, die Lettie net een bocht naar rechts wilde laten maken, roept direct “Stop!”. Lettie maakt een noodstop. Als ze even later van de schrik bekomen is, zegt ze: “Als mijn begeleider op deze manier roept, rem ik direct hard. Desnoods laat ik me vallen, want ik weet dat er dan voor me iets aan de hand is. Ik schrok echt van die man, van dat geluid zo snel langs me, je hebt het gevoel dat je elk moment meegenomen kan worden.” Sommige mensen snappen er niets van, zo blijkt tijdens deze week herhaaldelijk. Maar er zijn ook veel positieve reacties. De Nederlanders worden al snel herkend (dankzij de felgele hesjes) en er wordt naar ze geroepen: “Hé, kanjers.” Ook het liftpersoneel in dit gebied, Skiparadies Reschenpass (waaronder het Oostenrijkse Nauders en het Italiaanse Belpiano/Schöneben) is superaardig. Ze laten rustig één of twee ankers gaan, tot iedereen goed staat. Peter: “Dit gebied is ideaal voor ons. De pistes zijn goed en redelijk gelijkmatig, het is rustig en de mensen zijn erg aardig, zowel op de piste als in de restaurants. Bovendien kun je met één skipas in zowel Oostenrijk als Italië skiën. Maar het belangrijkste: de skipas is voor (visueel) gehandicapten gratis en de begeleiders krijgen korting. Dat maakt het voor ons betaalbaar.”

De kick van snelheid

Lettie, Simone en Fons zijn sinds hun geboorte blind. Edward verloor zijn gezichtsvermogen op zijn 19e bij een auto-ongeluk en Marijke, Egid en Hannie zijn zeer slechtziend. Allemaal liggen ze regelmatig met hun neus in de sneeuw – en soms zelfs in een vangnet. Waarom is het dan toch zo leuk? “Het geeft een heel intens, vrij gevoel. En het is voor mij een uitdaging om te laten zien dat blinden dit kunnen”, zegt Lettie. Levensgenieter Egid houdt enorm van skiën, maar ook van alles er omheen: “Lekker eten in een pisterestaurant, natafelen met een sigaartje, op een terrasje zitten met de zon op je gezicht en aan het einde van de dag een biertje drinken in een aprés-skibar. Geweldig toch?” Simone vindt het vooral een kick om zelfstandig snelheid te maken. “Ik zal nooit zelf auto kunnen rijden en fietsen gebeurt altijd op een tandem. Op de piste kan ik helemaal los van anderen de wind langs mijn gezicht voelen. Ik hoop alleen dat ik aan het eind van de week wat harder durf dan vandaag”, lacht ze. Simone is de enige beginneling in de groep, die voor de rest redelijk tot zeer ervaren is. Ze heeft acht jaar geleden wel eens geskied en het afgelopen seizoen in Nederland les genomen op een skibaan, iets wat de Nederlandse Visueel-gehandicapten Ski Vereniging (NVSV) sterk aanraadt. Esseline: “De begeleiders zijn ervaren skiërs, maar geen skileraren. Om van een skivakantie te kunnen genieten, is het dus belangrijk om al een basis te hebben.” Eerder vandaag heeft Simone wél les gehad, van Marcus, een skileraar van de skischool in Nauders. Hij vervangt Herman, een zeer ervaren begeleider, die op de eerste dag bij een val ongelukkig terecht is gekomen en in het ziekenhuis is beland. Bij de Nederlandse Ski Vereniging heeft de NVSV een speciale verzekering, die in dit soort gevallen zorgt voor een vervangende skileraar.

Intensief

“En Fons, heb je vanochtend nog bodemonderzoek gedaan?”, roept Simone naar Fons in het pisterestaurant. De humor in deze groep is niet van de lucht. Er wordt gemakkelijk onderling ‘kijk toch eens uit je doppen’ naar elkaars hoofd geslingerd. En als Esseline tegen Egid zegt dat hij zijn lepeltje lager in het kopje moet doen, omdat hij al een paar minuten bóven zijn espresso zit te roeren, wordt er ook hartelijk gelachen. Hoewel de visueel gehandicapten en de begeleiders in steeds wisselende tweetallen skiën, komt iedereen vaak tussen de middag in hetzelfde restaurant bij elkaar. Een gezellige en soms chaotische boel, helemaal als het een zelfbedieningsrestaurant is. Ook dan gaan begeleider en visueel gehandicapte per tweetal ‘het veld in’. Simone vraagt of ik meeloop. Omdat ik, als het dienblad eenmaal volgeladen is, haar niet meer bij de arm kan nemen, loopt ze achter me met één hand op mijn schouder. Om me heen zie ik meer van die mini-polonaises: een grappig gezicht. Skileraar Marcus van de skischool in Nauders zei het al: “Ik merk dat ik me in plaats van 100% nu 200% in moet zetten. Je moet kijken voor twee en je constant bewust zijn van de mogelijke gevaren. Het is heel intensief”. De begeleiders beamen dit. Chantal: ”Je bent van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat verantwoordelijk voor elkaar. De begeleiders zijn ook tijdens het ontbijt, de lunch en het avondeten de ogen van de visueel gehandicapten. Het is beslist geen vakantie, hoewel je ook ontzettend veel lol hebt met elkaar.”

Laat eens voelen

Na de lunch maakt iedereen zich klaar voor de volgende afdalingen. Nieuwe koppels worden gevormd en spullen worden bij elkaar gezocht: “Van wie is deze blauwe muts?” “Misschien van mij, laat eens even voelen?”. Twee aan twee gaan ze het restaurant uit. “Let op, een afstapje. Even wachten, er staan voor ons een paar mensen stil. Ja, we kunnen weer. Ietsje naar links, want er liggen een paar stokken”, zo wordt iedereen weer naar de eigen ski’s geloodst. Ik maak me ondertussen ook klaar, want vanmiddag is het tijd voor mijn eigen ‘blinde’ afdaling. De skibril met zwarte doek gaat op, ondertussen hoor ik dat er weddenschappen worden afgesloten na hoeveel bochten ik in de sneeuw zal liggen. Ik schuifel naar voren en Peter neemt me bij de elleboog. Als we aan de beurt zijn, laat de liftbediende meerdere haakjes schieten: ik blijk met mijn punten schuin op het spoor te staan. Peter geeft aanwijzingen, punten iets meer naar rechts. Dan voel ik een ruk in mijn rug: we zijn onderweg naar boven!

N.B. NVSV

De Nederlandse Visueel-gehandicapten Ski Vereniging (NVSV) heeft een kleine honderd leden en organiseert een paar keer per jaar ski- en langlaufvakanties naar wintersportgebieden in Oostenrijk, Italië en Frankrijk. Er gaan per keer zo’n zeven skiërs (of langlaufers) en evenveel vrijwillige begeleiders mee (die de reis deels zelf betalen). De begeleiders zijn ervaren skiërs die een test hebben ondergaan. Zelf visueel gehandicapt, of interesse om als vrijwillige begeleider mee te gaan? Kijk voor meer informatie op www.nvsv.nl.

N.B. Veiligheid op de piste

Visueel gehandicapten en begeleiders zijn te herkennen aan een fluoriscerend geel hesje. De begeleider met een driehoek en een uitroepteken, de visueel gehandicapte met drie stippen en het woord ‘blind’. Ze skiën slechts een paar meter van elkaar. Als u zo’n team ziet, kunt u om de veiligheid op de piste te verhogen:

  • snelheid minderen
  • goed kijken welke weg de visueel gehandicapte en de begeleider nemen
  • met een ruime bocht en matige snelheid passeren (nooit tussen de visueel gehandicapte en de begeleider doorskiën)
  • bij gondels, liften en skibussen de ruimte geven, zodat het in- en uitstappen beheerst kan verlopen
  • op ruime afstand gaan staan als u wilt kijken
  • terug naar inhoudsopgave