De NVSV is altijd op zoek naar enthousiaste begeleiders. Spreekt het je aan? Neem dan contact met ons op voor nadere informatie. Er is een tekort aan langlaufbegeleiders, maar nieuwe skibegeleiders zijn ook welkom!

(Begeleidersfolder © NVSV 2003)
Deze folder bevat informatie over de NVSV en over de wijze van begeleiding van blinde en slechtziende wintersporters. Er wordt gesproken over begeleiders, maar uiteraard worden hiermee ook begeleidsters bedoeld.

INHOUDSOPGAVE
1. Inleiding
2. Ontstaan NVSV
3. Activiteiten NVSV
4. U als begeleider
5. Begeleiden langlaufers
6. Begeleiden skiërs
7. Veiligheid
8. Kosten voor deelname aan de reis
9. Vertegenwoordiging van begeleider binnen de vereniging
10. Hoe word je begeleider?

1. Inleiding

Deze folder is een uitgave van de Nederlandse Visueel-gehandicapten Ski Vereniging, de NVSV. Hiermee willen we je informeren over de activiteiten en doelstelling van de vereniging. En wat nog belangrijker is: we willen duidelijk maken wat het betekent om als vrijwilliger mee te gaan met een vakantie van de NVSV. Je krijgt antwoord op vragen als:
- Wat is en doet de NVSV
- wie kan begeleider worden
- Wat is de taak van de begeleider tijdens de vakantie
- Hoe gaat het begeleiden van visueel gehandicapten in zijn werk
- Wat zijn de kosten

2. Ontstaan van de NVSV

In het begin van de jaren zeventig werd er op experimentele basis door een aantal blinden en slechtzienden, vooral in Noorwegen, gelanglauft. Toen bleek dat het beoefenen van wintersport voor visueel gehandicapten goed mogelijk was, nam ook in Nederland het aantal belangstellenden snel toe.

Een aantal visueel gehandicapten besloot in 1977 hun krachten te bundelen wat leidde tot de oprichting van de Nederlandse Visueel Gehandicapten Ski Vereniging, de NVSV. In het begin werden er alleen langlaufvakanties georganiseerd maar later nam ook de belangstelling voor het alpine skiën gestaag toe. Sindsdien is de NVSV sterk gegroeid wat aantoont dat de vereniging in een behoefte voorziet. De vereniging telt op dit moment ongeveer 80 visueel gehandicapte leden.

Uitgangspunt van de vereniging is dat een visueel gehandicapte een wintersportvakantie kan boeken zonder zich bezig te hoeven houden met het zoeken naar een ervaren skibegeleider. De vereniging heeft namelijk naast het ledenbestand ook een begeleiderbestand.

Aanvankelijk organiseerde de vereniging hooguit twee reizen met voornamelijk begeleiders uit familie- of kennissenkring. Op dit moment gaan er veelal begeleiders mee die uit ons begeleiderbestand komen.
Aangezien een begeleider niet elk jaar mee kan of mee wil gaan is het voor de vereniging van groot belang over voldoende gemotiveerde, getrainde en geteste begeleiders te beschikken. Om de 2 à 3 jaar worden dan ook wervingsacties gehouden om het begeleiderbestand op peil te houden.

Het bestuur van de vereniging bestaat op dit moment uit 5 personen die de volgende functies bekleden: Voorzitter, secretaris, penningmeester en de PR medewerker. Voorts is er een begeleidercoördinator. Deze laatste persoon onderhoudt de contacten met de begeleiders. Hij coördineert de zaken rondom het werven van nieuwe begeleiders en is aanspreekpunt voor zaken waarbij begeleiders betrokken zijn. Hij is tevens voorzitter van de begeleidercommissie: dit is de commissie, bestaand uit begeleiders die, al dan niet op verzoek van het bestuur, informatie verschaft aangaande begeleiderszaken.

3. Activiteiten NVSV

De NVSV organiseert recreatieve wintersportreizen die specifiek bestemd zijn voor visueel gehandicapten. Het gezichtsvermogen van de visueel gehandicapte deelnemers varieert van volledig blind tot allerlei gradaties en vormen van slechtziendheid. Het reizenprogramma is verdeeld in de categorieën skiën en langlaufen/ wandelen. Het niveau van de deelnemers varieert dus er zijn zowel reizen voor beginners als voor gevorderden. Maar ook combinaties zijn mogelijk. De grootte van de groepen is afhankelijk van het aantal inschrijvingen per reis. Per groep gaan minimaal 6 en maximaal 16 personen mee. Dit is inclusief de begeleiding. Er wordt bij skiën en langlaufen altijd 1 op 1 begeleid, maar bij langlaufen is 1 op 2 begeleiding soms mogelijk. Er wordt zoveel mogelijk een afwisselend reizenprogramma aangeboden, wat ook per jaar wijzigt. Wij zijn ons als vereniging op dit moment aan het oriënteren met betrekking tot begeleiding van snowboarders, een tak van wintersport die vooral jongeren aantrekt.

Zowel de leden als de begeleiders ontvangen eind augustus het reizenprogramma zodat men een keuze kan maken uit het reizenaanbod. Aanmelden voor een reis moet schriftelijk door middel van het inschrijfformulier. Aanmeldingen moeten voor 30 september binnen zijn. Om grote drukte in de wintersportgebieden te vermijden worden de reizen zoveel mogelijk buiten het hoogseizoen georganiseerd. Bijkomend voordeel is dan ook de lagere reisprijs. De NVSV boekt alleen reizen bij betrouwbare touroperators, dus reisorganisaties die zijn aangesloten bij de ANVR. Meestal zijn de vakanties op basis van Half Pension en wordt gereisd per trein of bus.

Als voorbereiding op de reizen vindt er ieder jaar een reizenmiddag plaats. Deze is meestal op een zaterdagmiddag eind november. Tijdens deze middag kunnen deelnemers aan de reizen kennis met elkaar maken. Bovendien kunnen concrete afspraken over de reis worden gemaakt.

Het bestuur zoekt uit elke reisgroep een van haar leden die als contactpersoon (CP) van de groep optreedt. Hij/zij fungeert als contactpersoon voor het bestuur en de reisgroep en is tevens aanspreekpunt binnen de reisgroep. De CP ontvangt van het bestuur relevante informatie over de reis zoals vertrek- en aankomsttijden van bus of trein, namen en adressen van de medereizigers. De CP inventariseert op de reizendag bijvoorbeeld ook of er behoefte is aan lessen.

4. U als begeleider

De belangrijkste taak van de begeleiders is er voor zorg te dragen dat de visueel gehandicapte op een veilige manier wintersport kan beoefenen. Als begeleider ben je tijdens het skiën en/of langlaufen de ogen van de visueel gehandicapte. Door het geven van duidelijke aanwijzingen weet de visueel gehandicapte waar hij of zij aan toe is. Hoe duidelijker je bent, hoe meer vertrouwen de visueel gehandicapte krijgt. Begeleiden en begeleid worden is een zaak van goed communiceren. Enerzijds moet je als begeleider helder zijn in je uitleg, anderzijds moet de visueel gehandicapte duidelijk maken wat hij/zij belangrijk vindt om te weten. Niemand is immers hetzelfde. Het maakt uiteraard iets uit of je te maken hebt met iemand die helemaal niets ziet, of met iemand die slechtziend is. Bij iemand die nog wel iets ziet hoef je vaak alleen maar aanwijzingen te geven bij plotselinge overgangen van zon naar schaduw of wanneer het erg druk of onoverzichtelijk is. Bij iemand die helemaal niets ziet moeten de aanwijzingen veel gedetailleerder zijn. Let er echter wel op dat de informatie relevant is: je hoeft niet te waarschuwen voor een ijsplaat als je er zonder bijzondere inspanning met een grote boog omheen kunt skiën.

Het is heel logisch dat iemand die voor het eerst met een groep blinden en slechtzienden te maken heeft, ook nieuwsgierig is naar zaken die met het gehandicapt zijn te maken hebben. Soms is er in het begin een soort angst om onderwerpen waarvan men denkt dat ze gevoelig liggen, ter sprake te brengen. In het algemeen hoef je er echter niet zo bang voor te zijn mensen voor het hoofd te stoten. Niemand die visueel gehandicapt is zal geschokt zijn als de woorden “zien” en “kijken” gebruikt worden. Men doet dat zelf ook.

De voornaamste taak is het begeleiden van het wintersporten. Maar aangezien het om groepsreizen gaat komt het er op neer dat je ook buiten het sporten om deel uitmaakt van de groep en dus begeleidt waar nodig, en wanneer dit gevraagd wordt door de leden. Denk dan bijvoorbeeld aan begeleiding:
- tijdens de reis
- in het hotel/pension
- bij een boodschap doen.
Als gevraagd wordt om te begeleiden naar een sauna of disco mag je zelf bepalen of je aan dit verzoek wilt voldoen. Er is altijd wel iemand in de groep die het leuk vindt om daar naartoe te gaan.
Voor de meeste visueel gehandicapten is de vakantiebestemming een vreemde omgeving en kunnen zij zich minder goed oriënteren. Aan het begin van de vakantie kan je als begeleider assisteren door uit te leggen hoe de indeling van het hotel is, waar de kamers zijn, wat de indeling van de kamer is, waar de eetzaal, receptie of bar is.
Na een paar dagen weten de meeste mensen zich goed te redden en zo niet dan vragen zij hulp aan een van de begeleiders. Aan tafel of bij een buffet kan je behulpzaam zijn door te vertellen welke gerechten geserveerd worden, de menukaart te lezen of iets in te schenken.
Bij het bezoeken van andere gelegenheden buiten het hotel geldt ook weer dat een visueel gehandicapte zich moeilijk kan oriënteren. Men ziet obstakels zoals trottoirbanden, hekjes of ijsplekken niet of te laat. Waarschuw daar dus voor!

De reis

Op de reizendag worden zogenaamde reiskoppels gemaakt, dat wil zeggen 1 visueel gehandicapte met 1 begeleider. Gekeken wordt naar de woonplaatsen van de deelnemers en welke voorkeur men heeft als opstapplaats. Als je eenmaal in trein of bus zit hoef je niet de hele reis naast elkaar te blijven zitten, maar voor het in- en uitstappen zoek je elkaar op om dit weer met zijn tweeën te doen. Als begeleider moet je er op letten dat nergens bagage achterblijft. Elke deelnemer aan de reis krijgt daarvoor dezelfde labels uitgereikt zodat de bagage goed herkenbaar is. Iedereen moet zijn bagage zo indelen dat hij zijn eigen bagage kan dragen. Maar het verlenen van hand- en spandiensten bij in- en uitstappen blijft altijd nodig.

Een van de begeleiders wordt gevraagd om tijdens de vakantie als seniorbegeleider de contactpersoon waar nodig te assisteren. Denk hierbij aan het lezen van reisbescheiden, trein- en wagonnummers, busnummers, informatie in de hotels.

Begeleiden

Als eerste moet opgemerkt worden dat je als begeleider geen ski- of langlaufleraar bent, maar er zijn toch zaken die je kan verduidelijken.

Het begeleiden van beginners is anders dan begeleiden van gevorderden. Bij beginnende wintersporters bent u bezig met uitleg van praktische zaken zoals:
- hoe ziet het materiaal eruit
- gebruik materiaal
- wat is de functie van de stokken, hoe houd ik die vast
- wat is de functie van een binding
- hoe draag ik de ski’s
- hoe sta ik makkelijk op na een val

Wij raden beginnende wintersporters aan om les te nemen. Vaak zal dit privé-les zijn, maar dit wordt uiteraard altijd geregeld in overleg met de deelnemers, zij moeten immers de lessen ook betalen. Tijdens de lessen ben je als begeleider aanwezig en assisteer je wanneer nodig.

Bij gevorderden is het van belang dat je de techniek en ervaring van degene die begeleid wordt kunt inschatten. Samen bepaal je of je een blauwe, rode of zwarte afdaling gaat maken.
Aan het begin van de dag vraag je wat de plannen zijn. Wil iemand samen met anderen op pad en zo ja met wie.
Probeer als je een tocht gaat maken altijd met minimaal twee koppels op pad te gaan. Denk aan de veiligheid.
Het is mogelijk dat tijdens het wintersporten gebruik gemaakt wordt van portofoons. Met name mensen die slechtziend en slechthorend zijn maken hier graag gebruik van.

5. Begeleiden van langlaufers

Met mondelinge aanwijzingen loods je de langlaufer de loipe in. De aanwijzing “recht-rechts” bijvoorbeeld betekent dat beide ski’s parallel naar rechts moeten. Om bij het wisselen of ontbreken van loipes de juiste richting aan te geven kunnen de uren van de klok gebruikt worden. “Twaalf uur” is altijd de richting waarin de ski’s staan. De aanwijzing “naar drie uur” betekent dus dat de ski’s 90 graden naar rechts gedraaid moeten worden. Draait men echter iets te ver door dan wijs je de juiste richting weer aan door “naar elf uur” te zeggen.

Bij het op- of afgaan van een helling geef je aan of het een steile of lange helling is; of er oneffenheden zijn en of er linkse of rechtse bochten in zitten. Voorts geef je aan welke techniek nodig is om een helling af te gaan. Bekijk het voor je liggende deel van de loipe en geef hierover uitleg.
Ski bij een moeilijke afdaling voorop zodat je als begeleider een goed inzicht hebt van wat er voor je ligt. Al pratend loods je de visueel gehandicapte langlaufer naar je toe. Soms kan je volstaan door bij het moeilijke deel van de afdaling te gaan staan om daar wat aanwijzingen te geven. Soms is het beter om bij moeilijke afdalingen geen risico te nemen. Laat de deelnemer dan de ski’s afdoen en loop een stukje. Waarschuw als er obstakels zijn zoals bomen, laaghangende takken, boomwortels, afrasteringen of een weg die overgestoken moet worden.
Als er meerdere personen tegelijk moeten worden begeleid zorg er dan voor dat je als begeleider het overzicht kan behouden. Laat de mensen dus niet te ver uit elkaar gaan. Bij het begeleiden van meerdere personen is het van belang dat zij ongeveer op hetzelfde niveau langlaufen om te voorkomen dat men te lang op elkaar moet wachten.

6. Begeleiden van skiërs

In tegenstelling tot langlaufen is bij skiën geen sprake van getrokken sporen en is het van groot belang dat de aanwijzingen kort en duidelijk zijn. Ook hier kan om de richting aan te geven gebruik gemaakt worden van de klok zoals genoemd bij het langlaufen. Niet iedereen is gecharmeerd van deze uitleg, overleg dit dus even.

Als mensen nog voldoende kunnen zien skiet de begeleider voorop. Het is dan wel van belang dat je als begeleider goed in de gaten houdt of diegene die je begeleidt je nog wel kan volgen. Roep als je een bocht gaat maken “rechts” of “links”. Waarschuw bij overgangen van zon naar schaduw, van breed naar smal en van minder steile naar steile gedeeltes. Geef aan dat er een druk gedeelte aankomt of wanneer er hobbels zijn.
Leg bij een lift uit wat voor lift het is en aan welke zijde in- en uitgestapt moet worden. Sommige mensen vinden het prettig om de begeleider bij de arm vast te houden bij het in- en uitstappen.

Bij mensen die helemaal niets zien is het begeleiden net iets anders. Je skiet achter diegene die je begeleidt en je moet dan exact aangeven waar er bochten gedraaid moeten worden. Zeg of er flauwe of scherpe bochten gedraaid moeten worden. Ook hier is het van belang om de overgang van een minder steil gedeelte naar een steiler gedeelte aan te geven. Vertel het als je een drukker deel nadert. Geef de aanwijzingen op tijd en zorg dat er dan nog voldoende ruimte is om de bocht te maken en eventueel te herstellen. Sommige mensen vinden het prettig om op een smal pad naast de begeleider te skiën. Door elkaars stok vast te houden en zonodig naar links of rechts te duwen, kan er gestuurd worden. Zeg voordat je het pad op gaat of de berg links of rechts is.

Dan nog wat zaken waar we altijd aan moeten denken:
- Als je om wat voor reden moet stoppen, doe dit dan op een overzichtelijke plaats, dus niet op een pad of net na een bocht.
- Let bij het oversteken van sleepliften of wisselen van piste op andere skiërs.
- Let er in de sleeplift op dat mensen goed in het spoor staan.
- Geef aan het einde van de lift een duidelijk beeld van de uitstapplaats.
- Verlaat de uitstapplaats zo snel mogelijk.
- Altijd de F.I.S. regels in acht nemen.

7. Veiligheid

Het is belangrijk dat onze vakantiegangers in hun vakantiegebied goed herkenbaar zijn. Andere wintersporters moeten kunnen zien dat er een groep slechtziende en blinde wintersporters aanwezig is. Bij de NVSV gebruiken we daarom twee soorten hesjes. Op het hesje voor de leden staat het internationale teken voor visueel gehandicapten. Dit zijn 3 zwarte stippen in de vorm van een driehoek met de punt naar beneden.
Op het hesje voor de begeleiders staat een driehoek met daarin een uitroepteken. Het is verplicht tijdens het skiën en langlaufen deze hesjes te dragen.

Om nog meer bekendheid te geven aan de betekenis van de tekens op de hesjes worden er zoveel mogelijk posters en stickers in het vakantiegebied verspreid. Bijvoorbeeld bij ski-scholen en liften.

8. Kosten voor deelname aan de reis

Het besluit om als begeleider mee te gaan zal uiteraard ook afhangen van de financiële consequenties hiervan. Aangezien onze vereniging in het geheel geen subsidie ontvangt zijn wij genoodzaakt om een deel van de reisprijs in rekening te brengen bij de begeleiders. De reizen zijn meestal op basis van HP, inclusief vervoer per bus of trein. De prijs die begeleiders betalen ligt lager dan de prijs voor onze leden. De prijs, die een ieder moet betalen staat in het reizenprogramma vermeld.

9. Vertegenwoordiging van begeleiders binnen de vereniging

Bij de oprichting van de NVSV kon het toenmalige bestuur niet vermoeden dat de vereniging in een zo’n grote behoefte aan wintersportrecreatie zou voorzien. Met het toenemen van het aantal begeleiders informeerden steeds meer mensen naar de positie van de begeleiders binnen de NVSV. Aangezien we waarde hechten aan de mening van begeleiders organiseren we regelmatig een begeleidersbijeenkomst. Tijdens deze bijeenkomst informeren we de begeleiders graag over de gang van zaken binnen de vereniging. Ervaringen worden uitgewisseld. Het bestuur wil op deze manier ook weten wat er onder de begeleiders leeft. Ook informeren we de begeleiders via een nieuwsbrief over de gang van zaken van het afgelopen seizoen. Aan bod komen onder meer het enquêteverslag van de reizen, de notulen van de begeleidersdag en vakantieverslagen.

Als begeleider kan je ook een gratis abonnement nemen op “Ski-Extra”, het verenigingsblad dat ongeveer 6 maal per jaar op cassette uitkomt.

10. Hoe word je begeleider?

De NVSV is altijd op zoek naar enthousiaste begeleiders. Spreekt het je aan? Neem dan contact met ons op voor nadere informatie. Er is een tekort aan langlaufbegeleiders, maar nieuwe skibegeleiders zijn ook welkom!
Op de zogenaamde kennismakings- / testdag krijg je alle gelegenheid om vragen te stellen en kan je alvast ervaren wat het betekent om een visueel gehandicapte te begeleiden. Deze bijeenkomst vindt meestal plaats op een kunstskibaan. De bedoeling is dat begeleiders samen met een aantal leden al pratend en skiënd of langlaufend een indruk van elkaar krijgen. Dit geeft aankomende begeleiders de mogelijkheid te beslissen of zij inderdaad met een reis mee willen. Anderzijds krijgt het bestuur de mogelijkheid om de ski- en begeleidings- kwaliteiten te beoordelen. Het is echter een beperkte indruk. Het is in het verleden meermalen voorgekomen dat tijdens een reis bleek dat iemand minder geschikt was. Als dit het geval mocht zijn wordt direct na een reis contact opgenomen met betreffende begeleider.
Nieuwe begeleiders mogen zich natuurlijk voor een reis aanmelden, ook al is men nog niet getest. Het bijwonen van de testdag is echter wel een voorwaarde om voor de eerste maal aan een reis van de NVSV deel te kunnen nemen.
Wij hopen dat het lezen van deze informatie je enthousiast heeft gemaakt en je ertoe beweegt om je als begeleider aan te melden.

ONZE REIZEN ZIJN VOOR IEDEREEN EEN FANTASTISCHE BELEVENIS !!